Bewoners van ReVa Groen en Duurzaam Cultuur, Sport en Religie Zorg, Hulp en Welzijn Veiligheid en Verkeer Wonen, Leren en Werken Gemeente en Politiek Geschiedenis van ReVa

Het Valkenbosplein herinnert zich de Bevrijding (deel 2)

In de KonkreetNieuws van juni 2025 schreef ik dat tachtig jaar eerder buurtbewoners op een overvol maar kaal Valkenbosplein lachen, zingen en dansen. Na de erge kou in de hongerwinter en bevrijd van de Duitse bezetter, was het eindelijk lente geworden. Maar dat gold niet voor alle oud-buurtgenoten.

Wederopbouw, maar niet voor iedereen
Na de kaalslag van de bomen die in de Bomenbuurt de huiskachels verwarmden, komt een nieuwe aanplant. Op het Valkenbosplein verdwijnt de onveilige tramlus van lijn 2, 5 en 7 en halveert tramhalte 3 het Valkenbosgroen. De verpauperde panden Valkenbosplein 17, 18 en 19 worden vervangen door vijf etages nieuwbouw. Dienstverlenende bedrijven nemen de plaats in van de levensmiddelenwinkels.

Maar honderden gedeporteerde bewoners keren niet terug in hun woningen in de verdwenen straten van Bomenbuurt/Houtrust. Het plan Dudok vervangt de daar in 1943 gegraven tankgracht (Atlantikwall) door de vierbaans Segbroeklaan met hoge flatgebouwen, twee lycea en het Segbroekpark met de Haagse Beek. Ook verandert de Indonesische onafhankelijkheidsoorlog de vooroorlogse stroom van Indische verlofgangers naar de Bomenbuurt in een vluchtelingenstroom van repatrianten/immigranten. Deze ‘Indische tantes’, sprak wijlen Yvonne Keuls, “zetten hun schouders eronder en begonnen hier opnieuw.” En niet alle van de tientallen verzetsstrijders en onderduikers ontkomen aan de Duitse opsporing en deportatie.

Verstilde buurtgenoten

De opening en sluiting van Neleman’s hoedenstomerij op Valkenbosplein 18A. Bron: Haagse Courant 25 november 1941 en 22 juni 1943

Vorig jaar herinnerden wij ons een vergeten Joods gezin dat in 1943 op het Valkenbosplein door de Duitse bezetter werd gearresteerd en via kamp Westerbork gedeporteerd en vermoord in kamp Sobibor (Polen). De twee zoontjes, 11 en 4 jaar, waren er niet op het moment van arrestatie, maar wat is er met hen gebeurd? Tachtig jaar later vertelt de jongste, Eduard de Leeuwe, aan Myrthe Cools (bekend van Tegelweetjes.nl) dat zij apart van elkaar in diverse onderduikadressen in Nederland zijn ontkomen en daarna in Den Haag opgegroeid. Naar aanleiding van deze vertelling meldt zich Louis de Leeuwe ‘junior’, kind van de oudste jongen. Samen vullen we het gebeuren ter herdenking aan:

Eind 1939 vertrekt het gezin van Louis en Gretha de Leeuwe-Dreese met hun zoon en diens pasgeboren broertje uit benauwend Amsterdam naar een portiekwoning in de Driebergenstraat in Leyenburg. Hij adverteert onder eigen naam als stoffeerder, maar opent met de schuilnaam ‘Neleman’ op 25 november 1941 een hoedenstomerij op Valkenbosplein 18A. Het bedrijvenregister Zuid-Holland (KvK) vermeldt dat Hooijman’s Taxi Maatschappij (Hotam) zijn reisbureau, sinds 1936 op Valkenbosplein 18A, per 15 november 1941 heeft verplaatst naar Schuytstraat 26 en in 1947 weer heeft teruggeplaatst. Geen woord over het tussentijdse gebruik door Neleman. Wel beschrijft de wijkkrant Vooruit in april 1942 een inbraak in de stomerij op Valkenbosplein 18A door een achttienjarige loopjongen.

Vanaf augustus 1942 deporteert de Duitse bezetter 12.000 Joodse Hagenaars via Staatsspoor (nu Den Haag Centraal) naar kamp Westerbork. Zo wordt op een zaterdagochtend het echtpaar De Leeuwe-Dreese vóór hun hoedenstomerij Valkenbosplein 18A gearresteerd en weggevoerd. Twee ‘Duitsers’ wachten tevergeefs op de kinderen. Op 10 juni verklaart de Gemeente hun woonadres onbewoond en op 22 november 1943 meldt een ‘zaakwaarnemer’ de leegruiming van de hoedenstomerij.

Louis de Leeuwe wordt eerst ondervraagd in de Scheveningse gevangenis en wordt daarna naar Westerbork vervoerd. Uiteindelijk wordt hij drie weken na zijn vrouw Gretha de Leeuwe-Dreese in kamp Sobibor vermoord. Het ValkenbosCultuurPlein vergeet hen niet.

Vertelling door Herman Cools (Werkgroep ValkenbosCultuurplein)
Onderschrift: Het vooroorlogse Valkenbosplein. Bron: Haagse Beeldbank